Flitsen - 23
D.J. Bolt
30-05-26
Het gezag van de Schrift
Zicht op de kerk, 30-04-26, p30
Uit een lezing van ds. P. de Vries.
'Schriftkritiek
Kritiek op de Schrift is niet iets wat uitsluitend in deze tijd naar voren komt. Dit begon al in de tijd van de hervormer Maarten Luther en heeft door verschillende stromingen heen uiting gekregen. Waar voorheen in deze kritiek nog niet viel te twisten over de vaste betekenis van Bijbelpassages, ontkent het postmodernisme dit daarentegen wel. De Bijbel, zo zeggen sommigen, lezen we allemaal op een eigen manier. Het is hoogmoedig om te denken dat jouw uitleg boven een andere staat.
De Schrift als Gods stem
Te weten dat het Woord van God gezag heeft, is van belang in allerlei vraagstukken die op ons afkomen. Hierbij valt te denken aan vraagstuk ken over de evolutieleer, homoseksualiteit of seksualiteit in het algemeen of vrouwen in het ambt. Wanneer wij in deze vraagstukken de Bijbel niet zien als de stem van de levende God, dan ontstaan er problemen in het verstaan en uitleggen van de Bijbel in de juiste verhoudingen. Dit staat haaks op wat in onze samenleving centraal staat, namelijk dat we als individu ons geluk moeten zoeken. Wij worden hiermee zelf de norm in plaats van God en Zijn Woord. Dit gedachtegoed beïnvloedt ook de jongeren van nu die hierin opgroeien.
De Schrift als eenheid
Eveneens van belang is te geloven dat het Woord van God volledig, duidelijk en een eenheid is. Sola Scriptura is de term die ds. De Vries aanhaalt: de Schrift is de uiteindelijke norm en bron van ons geloof. Echter, de duidelijkheid van de Schrift sluit de noodzaak van verlichting door de Heilige Geest en van wedergeboorte niet uit.
(…)'
Kerkhistorisch vergissing
Zicht op de kerk, 30-04-26, p5
Ds. H. Lassche, predikant ven HHK te Katwijk aan Zee schrijft over 'Wel of geen tweeërlei kinderen des verbonds.
Hij doet de volgende ontboezeming:
'Ondanks het feit dat de gemeente van mijn kinderjaren binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken niet tot de behoudende vleugel van Bewaar het Pand behoorde (en dat is nog steeds zo), werden we in ons dorp toch wel als een buitenbeentje beschouwd.
In de plaatselijke hervormde gemeente, die een confessionele ligging en bijbehorende liturgie met gezangen enz. had, voelden wij ons sowieso niet thuis. Maar met de visie van de vrijgemaakten (GKv) rondom ons hadden wij ook niet al te veel op. Die waren, vonden wij, veel te verbondsmatig. Daar werd immers min of meer gesteld dat elk gedoopt kind als wedergeboren moest worden beschouwd.'
Oh, oh, oh! De jonge Lassche heeft als kind dus niet goed geluisterd en later ook niet bijgeleerd. En dus krijgen de vrijgemaakten er ten onrechte van langs. Want deze verwierpen immers de leer van de veronderstelde wedergeboorte! En toen deze de generale synode hen dwingend oplegde was een scheuring onvermijdelijk, de Vrijmaking van 1944.
En zo ontstonden de gereformeerd-vrijgemaakte kerken en hun tegenhanger de gereformeerd-synodale kerken. De laatste zijn inmiddels opgegaan in de Protestantse Kerk Nederland (PKN).
Misschien even een correctie in het volgende blad zodat Zicht op de kerk weer helder is?
Mannenbroeders, verenig(ing)t u!
Zicht op de kerk, 13-05-26, p19
De voorzitter van de HHK mannenbond, ds. IJ.R. Bijl, doet een dringend appel op broeders in de kerk om zich aan te sluiten bij verenigingen. Daarvoor is een dringende reden:
'Als de Heere harten van mensen vernieuwt, worden wij wedergeboren tot een levende hoop. Als Vader en de Zoon woning maken in harten van zondaren verandert heel het leven. Dan leven wij niet meer zelf, maar Christus leeft in ons. Dan wordt dat ook zichtbaar in onze handel en wandel en in heel ons doen en laten. Als Gods kinderen de
smalle weg bewandelen getuigen zij al zonder te spreken. Echter, wij kunnen dan uiteindelijk ook niet meer zwijgen.
Dan is wel nodig dat Christus gestalte krijgt in ons leven. Dat wij weten van de diepe verlorenheid van ons zondige bestaan, maar ook van het wonder van vergeving. Dan zal ook de blijdschap des Heeren de onze moeten zijn.
De verborgen omgang met de Heere zal echter niet gekend worden buiten de kennis van de Schrift om. Daarom is het zo belangrijk dat er (mannen-) verenigingen zijn waar de Schriften opengaan en grondig bestudeerd worden. Als de duivel in onze dagen ergens een aanslag op pleegt, is het wel op de tijd om de Schriften te onderzoeken die van Christus getuigen. De Heere wil echter juist het gebruik van de genademiddelen rijk zegenen. Daarom willen wij jongere mannen, ook zij die belijdenis hebben afgelegd, en oudere mannen hartelijk uitnodigen om zich aan te sluiten bij een mannenvereniging.'
We kunnen niet anders dan dit van harte beamen!
Kerkvisie HHK 1
Zicht op de kerk, 19-03-26, p14
Ds. P. de Vries, predikant te Nunspeet, roert in enkele artikelen Kerkelijke eenheid aan. In de ondertitel van zijn artikel haalt hij de bede van de Heere Jezus Opdat zij allen één zijn aan. Een heel belangwekkend onderwerp dat ons na aan het hart ligt. Wil en kan de HHK eenheid met andere kerken, met ons gereformeerden?
We citeren het volgende uit zijn artikel:
'GEBED VOOR DE EENHEID VAN DE KERK
De kerk van Christus is verbrokkeld. De schaduw van de Reformatie is dat in Europa (en ten slotte met wereldwijde gevolgen) de uiterljke eenheid van de kerk verdween. Ook de Reformatie zelf bleef of werd niet uiterlijk één en evenmin bleek de gereformeerde belijdenis een garantie voor kerkelijke eenheid te zijn. Allerlei factoren hebben daarbij
een rol gespeeld. Zeker vanaf de achttiende eeuw groeiden de kerken van de Reformatie in meer dan één geval weg van hun eigen belijdenis.
Alweer een aantal jaren geleden schreef ds. G. Hoogerland een boekje: Om vriend en broed'ren spreek ik nu. Daarin deed hij een heel indringend appel op kerken en christenen die onverkort aan de gereformeerde belijdenis willen vasthouden om naar kerkelijke eenheid te zoeken. Ik wil aan dit appel niets afdoen.
Integendeel, ik bepleit het inslaan van wegen die dat bevorderen. Als het openstellen van kansels in gewone diensten nog een brug te ver is, kun je denken aan het vragen van voorgangers en sprekers uit andere kerken voor een gemeenteavond, een jeugdbijeenkomst enz. Aan kerkelijke eenwording die betekenisvol is, gaat geestelijke herkenning vooraf en die krijgt gestalte in ontmoetingen, Ik zou wensen dat al deze
wegen veel ingeslagen werden.
Echter, ik moet eerlijk zeggen dat er iets is dat mij nog nader aan het hart ligt dan het ontstaan van meer uiterlijke kerkelijke eenheid in Nederland; en dat is dat de prediking van de verzoening, de boodschap van de ene Naam, de twee wegen en de drie stukken, werkelijk functioneert of blijft functioneren. En dan heb ik over alle kerkverbanden in Nederland mijn zorgen en zou ik geen enkele uitzondering weten te noemen, ook al is de situatie in het ene kerkverband anders tot soms heel anders dan in het andere kerkverband. Laat ik eraan toevoegen dat ik ook voor mijzelf bid dat in mijn prediking echt mag blijken. en dat dit zo mag blijven, dat ik een gezant van Christus ben die zondaren zoekt te bewegen zich met God te laten verzoenen en kinderen van God opwekt daaruit te leven.'
***
Ja, we kennen wel zo'n kerk, de Gereformeerde Kerken, waar we lid van mogen zijn. Daar is de Ene Naam: Jezus Christus, de unieke Heiland waar zondaren alles van moeten verwachten. Daar wordt verkondigd dat er twee wegen zijn: de brede en de smalle. En vermaand die smalle te gaan achter Christus aan. We weten van ellende, verlossing en dankbaarheid, het wordt ons jaarlijks gepreekt uit onze gereformeerde belijdenis, de Heidelbergse catechismus. En maar niet als 'weetjes' maar als betrekking hebbend op ons hart, ons geloof! Prediking met bevel van geloof en bekering! Wij voelen ons rijk dat we eeuwig verbond met God hebben en op grond van zijn beloften aan ons daarin kunnen leven en sterven.
Is dit een goede basis voor de HHK om eindelijk wat te doen aan die diep-verdrietige 'verbrokkeling' en verdwenen eenheid onder gereformeerden?
'Opdat ze allen één' zijn!
Zichtbaar!
Kerkvisie HHK 2
Zicht op de kerk, 30-04-26, p23
Uit een interview met ds. H. Oussoren ter gelegenheid van zijn 40-jarig ambtsjubileum citeren we een opmerkelijk stukje dat ook blijk geeft van een bepaald 'zicht op kerk' in de HHK:
Vraag:
'Jarenlang stond u in een gemeente die geen directe verbinding had met de HHK, naderhand hebt u zich met de gemeente aangesloten. Wat maakte dat u hiertoe overging?'
Antwoord:
'Voor mij was het de normaalste zaak van de wereld, om aan te sluiten bij heel het volk en de kerk. Door verwikkelingen vanuit de synode zijn we op een kerkelijk zijspoor terechtgekomen. We stonden als kerkelijk daklozen op de stoep te wachten, Aansluiting zoeken is een omslachtige zaak, omdat je met twee partijen het gesprek moet voeren.
Met de kerk en met de eigen gemeente. Voor je
het weet heb je er een scheuring bij. We zijn een protestantse natie, de volkskerk is waar we bijhoren. We sloten ons niet weer aan, we kwamen vanaf de stoep weer terug in huis. We moeten gereformeerd-katholiek denken en niet neo-evangelicaal.'
(cursief van ons, djb)
***
De predikant legt het niet verder uit, maar hier lijkt weer de idee van 'de vaderlandse kerk' de achtergrond. Gods Nederlandse volk. Maar we zijn allang niet meer 'protestants', en zeker 'heel het volk'. En wat moeten we ons bij die 'volkskerk' voorstellen? Kan die voldoen aan onze gereformeerde belijdenis, o.a. NGB art. 27-29?
Verder gesprek is nodig!
Genade met disclaimers
De Waarheidsvriend, 05-03-26
De Gereformeerde Gemeenten (GG) en de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGiN) zijn op weg naar eenheid. Wij horen niet zo vaak en zoveel over deze kerken, daarom is het misschien goed om te luisteren naar ds. A.A.A. Prosman die schrijft over het punt waar genoemde kerken elkaar maar moeilijk kunnen vinden. We citeren:
'… in sommige plaatsen zijn de onderlinge verschillen verwaarloosbaar klein en komen in weekdiensten GG'ers en GGiN'ers wederzijds bij elkaar in de kerk. In andere plaatsen bestaat er nog altijd een flinke kloof en ziet men de ander - gevoed door jarenlange polarisatie en voor elkaar waarschuwen - nog altijd als een bedreiging en een gevaar.
Tekenend voor die periode van polarisatie is het in 1978 verschenen boek 'Uit ons uitgegaan'; een titel waarmee de GGiN verwezen naar 1 Johannes 2:19, een tekst waarin de apostel schrijft over de antichrist ... In die sfeer wordt nu gelukkig niet meer tegen elkaar aangekeken.
(…)
Is dat alles? Nee, niet alles. Voor de nu bereikte consensus was het betekenisvol en helpend dat de GGiN in 2019 het boekje 'Wet en Evangelie' uitbrachten. Daarin stellen zij dat wat hen betreft de uitdrukking "algemeen, welmenend, onvoorwaardelijk aanbod van genade" wel degelijk gebruikt mag worden, mits die woorden op een bepaalde manier worden gelezen. De GG hebben nu aangegeven het met die 'disclaimers' eens te zijn.
(...)
Tegen gebruik van het woord "aanbod" bestaat geen bezwaar, maar dan alleen in de zin van "verkondigen", "voorstellen" of "bekendmaken" Aanbieden mag echter niet opgevat worden als "schenken".
In het boekje 'Wet en Evangelie' staat verder dat het woord "algemeen" wel gebruikt kan worden, maar niet mag betekenen dat er in de prediking geen onderscheid meer gemaakt wordt tussen de hoorders. Het Woord komt tot alle hoorders, staat er, maar de prediking moet wel "separerend" zijn. Zij sluit mensen in én buiten.
Het woordje "welmenend" kan eveneens gebruikt worden, als het maar niet zo wordt uitgelegd "dat het Gods bedoeling is dat alle mensen tot de zaligheid zullen komen, of dat alle mensen moeten geloven dat Christus ook voor hen gestorven is".
Tot slot het woordje "onvoorwaardelijk". Die term is juist, stelt 'Wet en Evangelie; in zoverre dat Gods Woord onvoorwaardelijk tot alle hoorders komt, en "dat er geen waardigheid in de hoorders is waarom zij het Woord ontvangen". Er zijn geen voorwaarden die door de mens zelf vervuld kunnen worden. Het gevaar van deze term is echter dat onder meer "de eis van geloof en bekering" op de achtergrond raakt.
Disclaimers
Het is duidelijk: de weg naar eenheid is bezaaid met dorens, en dus met disclaimers. Als buitenstaander krijg ik de indruk dat het voorwaardelijk maken, en daarmee inperken, van het welmenend aanbod van genade het karakter krijgt van een nieuwe belijdenis. De grondslag van deze kerkgenootschappen wordt dus voortaan gevormd door de drie formulieren van eenheid, plus de 'vrijwaringsclausules', Zo wordt weliswaar een bepaalde vorm van eenheid nagestreefd, maar tegelijk groeit de afstand tot andere kerken.
***
Ja, zo ervaren wij dit ook. Leidt deze GG/GGiN-leer niet tot 'verterende onzekerheid'?
Kan dit?
ND 20-05-26
ned. geref. kerken beroepen te Bedum: C. van Zwol te Spakenburg-Noord; te Amersfoort (Ontmoetingskerk): C.P. Both te Harderwijk (PKN-hervormd, De Regenboog)
Geelkerken leeft nog voort
ND 26-05-26
Ieder kent de 'sprekende slang' in Genesis. Het beest dat de duivel gebruikte om Eva te verleiden tot opstand tegen God.
Aan het begin van de vorige eeuw zaaide dr. J.G. Geelkerken twijfel aan dit Schriftgedeelte. Zou deze slang werkelijk gesproken hebben? Er ontstond een hevige strijd met allerlei verwikkelingen.
Om kort te gaan, Geelkerkens opvattingen werden veroordeeld door de gereformeerde generale synode van Assen 1926: de slang heeft 'zintuiglijk waarneembaar' gesproken, oordeelden de kerken.
En nu, precies honderd jaar verder?
De nederlands gereformeerde dominee U. van der Meer weet het wel. Hij stelt 'een andere lezing van Genesis 3 voor. Volgens het ND, zo:
'Lees het bijbelgedeelte als een ‘mythisch verhaal over “de oertijd”, waarmee iets geleerd wordt over het geestelijk leven van alledag’. Als je het zo tot je neemt als een ‘profetische vertelling’, doe je meer recht aan de tekst zelf, vindt hij.
(…)
Van der Meer wil de eerste hoofdstukken van de Bijbel ‘zo letterlijk mogelijk’ lezen, ‘niet in historische, maar in literaire zin’, want in de ‘letterlijke’ tekst schuilt de diepe waarheid: ‘Elk mens hoort in zijn of haar leven iedere dag de fluisterstem van de zonde. Die stem is áls die van een slang. Net zoals bij ons vanouds de vos, had de slang vele connotaties in het oude Nabije Oosten.'
De uitspraak over Geelkerken is 'rampzalig en we hebben er tot vandaag last van’, aldus deze voorganger uit de nederlands gereformeerde kerken in het blad Onderweg.
'Mythisch', verhaal uit de 'oertijd', misschien miljarden jaren geleden.
Maar als Van der Meer gelijk heeft, is het verdere verhaal van de zondeval natuurlijk ook mythisch, niet echt gebeurd, slechts een symbolische weergave van dat 'er iets is fout gegaan'. En de scheppingsorde, mannelijk en vrouwelijk, schiep Hij hen, waar Klaassen zijn boek 'Gods goede orde' op baseerde, mythisch. Her-exegetiseren!
We zien hier weer dezelfde benadering van de Heilige Schrift: exegese op basis van eigen verzinsels. Een verhaal bedenken waarmee je jezelf kunt ontworstelen aan de 'klaarblijkelijke betekenis' van Gods openbaring. Zie de eerste flits hierboven.
Geelkerken leeft nog steeds voort!
Met grote consequenties!