Flitsen - 20
D.J. Bolt
21-03-26·
Het majesteitelijke spreken van God
Nader Bekeken, jrg.33 nr. 1, Ds. A. van der Sloot
'Binnen de gereformeerde gezindte wordt opnieuw een fundamentele discussie gevoerd over het karakter en het gezag van de Bijbel. Achter de hedendaagse hermeneutische debatten blijkt een diepere spanning schuil gaan die in de geschiedenis telkens weer de kop opsteekt: de spanning tussen menselijke beleving of menselijke rede aan de ene kant en het majesteitelijke spreken van Gods Woord aan de andere kant.'
Een interessant en belangwekkend artikel dat als volgt eindigt over moreel subjectivisme.
'Subjectivisme beperkt zich vandaag niet tot de mystieke of vrijzinnige flank. Ook morele overtuiging kan een eigen autoriteit worden. Christelijk activisme – hoe begrijpelijk de bekommernis om klimaat, gerechtigheid of menselijk leed ook is - wordt soms gekenmerkt door felheid en het breken van eerbied voor God en zijn Woord. Morele verontwaardiging of groepsgevoel wordt dan bepalend, terwijl het spreken van God op de achtergrond raakt. Ook hier is menselijke maat de norm.
Aandacht voor slachtoffers, gerechtigheid en schepping is voluit bijbels, maar alleen wanneer die onder het gezag staat van Gods Woord en niet wordt losgemaakt van zijn heiligheid, verbond en beloften. Waar dit gezag ontbreekt, ontstaat een moralisme dat intolerant wordt jegens andersdenkenden. Dat dreigt ook binnen de kerken: wie zich op basis van de Schrift uitspreekt tegen bijvoorbeeld de vrouw in ambt of het homohuwelijk, wordt niet zelden genegeerd of gemeden. (…)
Het modern-subjectieve denken of het nu via ervaring, redelijkheid of morele emotie werkt – heeft de neiging zichzelf absoluut te maken. De kerk die zich hieraan aanpast, verliest het zicht op het majesteitelijke spreken van God. Alleen een kerk die buigt onder het Woord – ook wanneer dat schuurt tegen de tijdgeest zal staande blijven. Alleen waar Woord en Geest regeren, is ruimte voor liefde én waarheid, barmhartigheid én gehoorzaamheid, zorg én heiligheid. Alleen daar wordt werkelijk geluisterd – en geleefd – tot Gods eer.
Kerkelijke tucht
De Waarheidsvriend, 26-02-26, dr. R.W. de Koeijer
'… De jonge protestantse kerk vond leer en leven in gereformeerde zin geestelijk zo belangrijk dat ze dissidenten tot de orde riep. In onze tijd ligt de nadruk vaak op een gastvrije en veilige gemeente. Dit is inderdaad een Bijbels gegeven, als we denken aan de uiteenlopende achtergronden en geschiedenissen van gemeenteleden en vooral aan kwetsbare leden die bijvoorbeeld met misbruik worden geconfronteerd.
We kunnen ook denken aan verdraagzaamheid met niet-gereformeerde opvattingen over ondergeschikte of niet-centrale geloofszaken. De kerk is een gemeenschap waar de vrucht van de Geest aanwezig is en daarom mag je liefde, trouw en barmhartigheid verwachten. Tegelijk is de kerk geroepen om vast te houden aan de gezonde leer en aan heiligheid. Vaak heeft de tucht niet of nauwelijks betekenis, omdat we bang zijn voor het verwijt van liefdeloosheid.
Voorbeelden uit het verleden laten zien dat zoiets een gevaar is. Bijbelse tucht staat echter in het kader van bekering, vergeving en herstel en dient zo het geestelijk welzijn van de gemeente. De keerzijde is dat we allerlei wind van leer of zondige levensstijlen gemakkelijk kunnen binnenlaten en accepteren.
Zo ligt de kerk niet op koers. …'
Meerderheid en leiding van Gods Geest
Nader Bekeken, jrg 33, nr. 1, ds. F.J. Bijzet.
De predikant geeft aandacht aan het menselijk beroep op Heilige Geest in besluitvorming. Besluiten die genomen zijn 'onder leiding van de Heilige Geest' moeten per definitie toch wel goed zijn? Onder het kopje De Geest bindt aan het Woord schrijft ds. Bijzet:
'… Zo vaak Gods Woord opengaat en eerbiedig gelezen en aangehoord wordt, komt de Heilige Geest aan het Woord. Daarom sloot onze Heer Jezus zijn zeven – stuk voor stuk indringende - brieven aan de gemeenten in Klein-Azië (Op. 2 en 3) niet steeds af met: "En laat wie oren heeft nu horen naar wat IK tot de gemeenten zeg". Nee: "Luister nu naar wat de Heilige Geest door deze brieven aan de gemeenten zegt". De Heilige Geest gebruikte de door Johannes schriftelijk vastgelegde waarschuwingen, bemoedigingen en beloften van Jezus vanaf toen om door de eeuwen heen gemeenten wereldwijd hiermee aan te spreken.
Wie de Heilige Geest aan zijn kant wil krijgen moet niet wachten op een goed gevoel. Op voldoende vrijmoedigheid. Die moet Gods Woord laten spreken. Het overwegen, doordenken. Die moet Schrift met Schrift vergelijken. Argumenten die aangevoerd worden in een discussie om tot een voor God verantwoorde besluitvorming te komen, moeten teruggaan op Gods Woord.
De doorslag
Dat was ook het geval toen een vergadering van de apostelen en de oudsten in Jeruzalem zich bezon op de vraag wat er van niet-Joodse christenen moest worden gevraagd aan concrete levensverandering. Moesten zij zich ook laten besnijden? Waren zij nu ook gebonden aan de mozaïsche wetgeving? Deze 'synode' durfde tenslotte aan de uit bekeerde heidenen ontstane gemeenten te schrijven: "Het heeft de Heilige Geest en ons goed gedacht .. ." (Hand. 15:28). Was dat het gevolg van een on-middel-lijke inwerking van de Heilige Geest in hun vergadering? Kreeg de meerderheid er steeds meer een goed gevoel bij? Een groeiende vrijmoedigheid? Nee: ze waren overtuigd geraakt door wat de Heer Jezus zelf duidelijk aan Petrus gezegd had in een visioen (Hand. 10:9-20, 157-11); en door wat daarmee overeenkwam in duidelijke Bijbelteksten: Amos 9:11-12, Leviticus 17 en 18. Geest én Woord gaven de doorslag. En wie dus nu nog bezwaar wilde maken, moest met een beroep op datzelfde Woord van God aantonen dat, en waaróm, het Schriftbewijs onder het genomen besluit toch niet klopte.'
Verwaarloosbaar
De Waarheidsvriend/RD, 26-02-26, dr. A.A.A. Prosman in zijn persschouw.
Wat betreft de verhouding tussen GG [Gereformeerde Gemeenten] en GGiN [Gereformeerde Gemeenten in Nederland]
'… in sommige plaatsen zijn de onderlinge verschillen verwaarloosbaar klein en komen in weekdiensten GG'ers en GGiN'ers wederzijds bij elkaar in de kerk. In andere plaatsen bestaat er nog altijd een flinke kloof en ziet men de ander - gevoed door jarenlange polarisatie en voor elkaar waarschuwen - nog altijd als een bedreiging en een gevaar.
Tekenend voor die periode van polarisatie is het in 1978 verschenen boek 'Uit ons uitgegaan' een titel waarmee de GGiN verwezen naar 1 Johannes 2: 19, een tekst waarin de apostel schrijft over de antichrist ... In die sfeer wordt nu gelukkig niet meer tegen elkaar aangekeken. (...)
Is dat alles? Nee, niet alles. Voor de nu bereikte consensus was het betekenisvol en helpend dat de GGiN in 2019 het boekje 'Wet en Evangelie' uitbrachten. Daarin stellen zij dat wat hen betreft de uitdrukking "algemeen, welmenend, onvoorwaardelijk aanbod van genade" wel degelijk gebruikt mag worden, mits die woorden op een bepaalde manier worden gelezen. De GG hebben nu aangegeven het met die 'disclaimers' eens te zijn. (...)
Tegen gebruik van het woord "aanbod" bestaat geen bezwaar, maar dan alleen in de zin van "verkondigen", "voorstellen" of "bekendmaken". Aanbieden mag echter niet opgevat worden als "schenken".
In het boekje 'Wet en Evangelie' staat verder dat het woord "algemeen" wel gebruikt kan worden, maar
niet mag betekenen dat er in de prediking geen onderscheid meer gemaakt wordt tussen de hoorders. Het Woord komt tot alle hoorders, staat er, maar de prediking moet wel "separerend" zijn. Zij sluit mensen in én buiten.
Het woordje "welmenend" kan eveneens gebruikt worden, als het maar niet zo wordt uitgelegd "dat het Gods bedoeling is dat alle mensen tot de zaligheid zullen komen, of dat alle mensen moeten geloven dat Christus ook voor hen gestorven is".
Tot slot het woordje "onvoorwaardelijk". Die term is juist, stelt 'Wet en Evangelie' in zoverre dat Gods Woord onvoorwaardelijk tot alle hoorders komt, en "dat er geen waardigheid in de hoorders is waarom zij het Woord ontvangen". Er zijn geen voorwaarden die door de mens zelf vervuld kunnen worden. Het gevaar van deze term is echter dat onder meer "de eis van geloof en bekering" op de achtergrond raakt.'
Dr. Prosman:
'Het is duidelijk: de weg naar eenheid is bezaaid met dorens, en dus met disclaimers. Als buitenstaander krijg ik de indruk dat het voorwaardelijk maken, en daarmee inperken, van het welmenend aanbod van genade het karakter krijgt van een nieuwe belijdenis. De grondslag van deze kerkgenootschappen wordt dus voortaan gevormd door de drie formulieren van eenheid, plus de 'vrijwaringsclausules'. Zo wordt weliswaar een bepaalde vorm van eenheid nagestreefd, maar tegelijk groeit de afstand tot andere kerken.
Gods goede gaven: huwelijk én single-zijn
Nader Bekeken, jrg33,#1, ds. W.J. van de Velde
'Is het huwelijk de oplossing voor sterke seksuele verlangens'? Die 'zich niet kunnen onthouden'? Die vragen stelt ds. Van de Veld n.a.v. de teksten in 1Kor.7.
'… Paulus weet ook wel dat mensen seksuele gevoelens hebben, die heel sterk kunnen zijn. Maar hij bedoelt niet dat ongetrouwde mensen met sterke verlangens maar zo snel mogelijk moeten trouwen om hun 'probleem' op te lossen. Want dan zou hij suggereren dat een echtgenoot of echtgenote de oplossing is voor iemands brandende passie - en dat is niet zo. Zowel getrouwde als ongetrouwde gelovigen zijn geroepen om hun lichaam en geest te bewaren als een tempel van de Heilige Geest. Ze zijn geroepen om tegen zondige verlangens te strijden. De Heere geeft aan alle gelovigen de vrucht van zelfbeheersing die ze in hun leven mogen laten groeien (Gal. 5:22). Dat is geen bijzondere gave voor een paar 'supersterke' christenen die geroepen zijn tot het celibaat, maar een vrucht waar elke gelovige naar mag streven - ook getrouwde mensen, die evengoed met verlangens en verleidingen te maken hebben.
Voor de prediking
In 1978 stelde dr.]. van Bruggen in zijn boek Het huwelijk gewogen een
prikkelende vraag: "Waarom wordt er in de protestantse kerken niet gepreekt over 1 Korinthe 7 vers 8? Waarom leert de gemeente niet dat de ongehuwde gelovige een volwaardige en bevoorrechte mens is?" Die vraag is, denk ik in 2026 niet minder actueel en niet minder belangrijk. Want of je nu jong of oud bent, getrouwd of ongetrouwd, single of opnieuw single geworden het is goed om te zien hoe evenwichtig en gezond Paulus schrijft (en corrigeert) over huwelijk, single-zijn en seksualiteit.
Homozegen
ND, 11-02-26
De Anglicaanse Kerk in Engeland is diep verdeeld over het 'inzegenen van homorelaties’. Er is geen enkel zicht op een oplossing.
Sinds februari 2023 kunnen homostellen een zegen ontvangen in een privé-setting of in een reguliere kerkdienst; de bisschoppen gaven daarvoor zelfs gebedsteksten vrij. Maar kan het ook in speciale diensten, op de 'huwelijksdag' van een homo- of lesbisch stel? Daar is een deel van de kerk fel op tegen. Een kernvraag die wordt gesteld:
‘Waarom hebben we het steeds over de pijn van onze verdeeldheid, en de teleurstelling over de uitkomst van al onze gesprekken? Mag dat ook zijn omdat we er gevaarlijk dichtbij zijn geweest om de leer van de kerk over het bijbelse huwelijk te ondergraven?’